Bas Dekkers.
Bas Dekkers. (Foto: )

Zwerven

In de straat waar ik woon is doorgaans weinig aan de hand. Het is een rustige buurt, waar af een toe wat jongeren lawaai maken. Vooral op zaterdagavond. En de rest van de week. Soms, als de wind verkeerd staat, komt je een vlaag van een jointje je tegemoet. En verder: een knokpartij, wat burengerucht, een uit de hand lopend feest met gewonden, een brandstichtingkje, rondwaaiende vuilniszakken, drugsoverlast, vorig jaar een moord. Kortom: een kalme, misschien zelfs een beetje saaie buurt.

Een tijdje geleden liep ik op een vroege donderdagmiddag een stukje door die vredige buurt, toen ik plots een rare gil hoorde. Een mannenstem die luid roepend door de straat galmde. Niet uit nieuwsgierigheid, maar omdat ik nou eenmaal in diezelfde straat moest zijn, liep ik die man tegemoet. Hij stond daar, in zijn eentje, tegen niemand te schreeuwen. Onverstaanbaar te gillen, alsof hij enorm boos was. Maar in de verre omtrek was er niemand om boos op te zijn. "Oh ja, die man..." zei de buurvrouw, toen het geval later die dag ter sprake kwam. "Ik ken hem wel, we noemen hen thuis de dorpsgek." Ik kende hem niet, maar blijkbaar staat hij vaker op straat te gillen. Een zorgmijder. Iemand die benodigde zorg weigert, maar wel overlast bezorgt bij anderen.

Gisteren kwam ik hem weer tegen. Op straat, zijn huis. Met een flesje bier naast hem, een zilveren lachgaspatroon voor hem op de straattegels. Maar die konden er ook al eerder hebben gelegen.

Opeens herinnerde ik mij dat hij jaren geleden, toen ik nog in een flat woonde, in ons portiek lag te snurken. "Hij gebruikte zijn zuidelijke luik, buik en muil voor een duidelijk ruiken als vuilstort. Zijn huid en zaadzuil, spuitend wapentuig, juichend en vuil, had fuif." schreef ik toen in een joviale bui op een blaadje. Ook toen al zwierf hij op straat, drugsgebruikend en schreeuwend tegen een niemand. En ook toen al meed hij zorg. De dorpsgek was niet veel veranderd. Maar misschien de buurt ook niet. En de zorgopvang evenmin. Hij hing rond. Als zwerfvuil. Niemand wilde hem hebben. En hij wilde niemand hebben.

Meer berichten